De Roskam op Twitter    De Roskam op Facebook   

Uitstelgedrag

De buurman ter rechterzijde is een klusfanaat. Hij is immer bezig, wat ook is af te leiden uit de omstandigheid, dat hij steeds diverse geluiden maakt. Niet in vocale zin, maar omdat hij in de loop van decennia – de man is gepensioneerd – een indrukwekkende hoeveelheid apparatuur heeft verzameld. Dan bromt er een compressor, even later is hij kennelijk aan het boren, vervolgens gilt er een zaagapparaat, daarop is hij getuige de vibratie iets aan het schuren. Hij is een beminnelijk figuur en omdat onze honden bij iedere passant enorm blaffen, kan ik de man bezwaarlijk aanspreken op zijn luidruchtige bezigheden.

Daarbij komt, dat ik af en toe kom buren om zijn wijze raad te vragen. Aangezien hij een technische achtergrond heeft, wat geen wonder is gelet op zijn activiteiten, wil hij mij op dat enorme terrein graag adviseren. De aanvankelijke gene om hem met onbenulligheden last te vallen heb ik inmiddels laten varen. Zonder schroom kom ik met mijn tamelijk zielige apparatuur omdat ik eenvoudigweg niet weet hoe ik een ding aan het praten kan krijgen. Doorgaans heb ik de gebruiksaanwijzing incorrect geïnterpreteerd en uit het geheel iets gefabriceerd dat achteraf volstrekt niet zo was bedacht door de producent van het apparaat. Enfin, buurman legt mij geduldig uit hoe het moet en zet zo nodig (eigenlijk steeds) het ding in elkaar.

Anders zit dat met ons tuinhuisje. Dankzij mijn befaamde uitstelgedrag is het aanvankelijk kekke bouwsel verworden tot een bouwval. De deur hangt scheef, er is sprake van een aanzienlijke mate van houtrot en in deze berging voor tuingereedschap ligt alles op een stapel aangezien de lang geleden bij een bouwmarkt gescoorde stellingkast in elkaar gezakt is.

Om de buurman te vragen een en ander netjes te maken gaat te ver, dus ik zal het heus zelf moeten doen. Maar doe-het-zelven is absoluut niet aan mij besteed. Nu de eega aandringt is er evenwel geen weg terug.

Liever schrijf ik erover. Maar daar wordt het niet beter van.

Erik Endlich

Rob Welten benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau

 

Voormalig burgemeester Rob Welten is in zijn woonplaats benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Koning Willem-Alexander kende hem deze onderscheiding toe vanwege zijn grote verdiensten voor land en regio.

De Koninklijke onderscheiding werd vrijdag uitgereikt door de commissaris van de Koning in Overijssel, Andries Heidema. In het bijzijn van familie en genodigden ontving Welten zijn onderscheiding tijdens een vergadering van de EUREGIO-raad. Tijdens diezelfde bijeenkomst werd hij tevens benoemd tot ambassadeur.

Welten heeft een lange staat van dienst in het openbaar bestuur. Van 2006 tot 2009 was hij wethouder van de gemeente Oldenzaal. Daarna was hij tien jaar burgemeester van de gemeente Borne en tot 2025 burgemeester van de gemeente Haaksbergen. Daarnaast was hij vele jaren voorzitter van de EUREGIO-raad, waar hij momenteel nog actief is als erevoorzitter en ambassadeur. Hij zette zich in het bijzonder in voor het bevorderen van de grensoverschrijdende samenwerking in de grensregio.

Ook op maatschappelijk vlak leverde Welten een brede bijdrage aan de regio Twente en de provincie Overijssel. Zo was hij voorzitter van het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente, lid van het dagelijks bestuur van Regio Twente en voorzitter van het Bevrijdingsfestival Overijssel. Eerder was hij statenlid en fractievoorzitter voor het CDA Overijssel en maakte hij deel uit van het dagelijks bestuur. Daarnaast vervulde hij diverse toezichthoudende functies.

Momenteel is Welten voorzitter van het project ‘Scoren in de Wijk’ van FC Twente en voorzitter van het Openluchttheater Hertme.

Rondemiss Carmen Noltes bij 71e Ronde van Overijssel

Rondemiss Carmen Noltes bij 71e Ronde van Overijssel

RIJSSEN – Carmen Noltes uit Rijssen is zaterdag 2 mei de rondemiss tijdens de 71e Ronde van Overijssel.

De 20-jarige Noltes is geboren in Rijssen en woonde ook enkele jaren in Notter. Tegenwoordig woont ze op kamers in Groningen, waar ze Bewegingswetenschappen studeert aan de Rijksuniversiteit Groningen. In de toekomst wil ze zich graag richten op het begeleiden van sporters.

Carmen is zelf ook sportief. Tot haar twaalfde deed ze aan acrogym en vanaf haar zesde tot aan haar studietijd was paardrijden haar grote passie. Daarnaast onderneemt ze graag gezellige activiteiten met vriendinnen en volgt ze met interesse de wielersport, zoals veldrijden, de Giro d’Italia en de Tour de France.

Carmen heeft één zusje, Lauren. Naast haar ouders, Herman en Margreeth, is vooral haar opa een bekende naam onder wielerliefhebbers van de Ronde van Overijssel: oud-voorzitter Jan Bakker. Als kleindochter van Jan Bakker kwam Carmen dan ook al op jonge leeftijd in aanraking met de ronde.

“Zo lang ik me kan herinneren helpt ons gezin al mee met het samenstellen van de lunchpakketten,” vertelt ze. “De Ronde van Overijssel is echt een familieaangelegenheid voor ons. Mijn zusje en ik vonden dat altijd enorm gezellig. Het is een dag die echt leeft binnen de familie, vooral toen opa nog voorzitter was.”

Ook na afloop van de ronde was het feest nog niet voorbij. “Tot weken na de ronde kregen we van opa nog een Mars mee naar huis. Die kwamen uit de overgebleven lunchpakketten.”

Paaskuikentje

Met het oog op Pasen had de wederhelft het lumineuze idee om ons oudste kleinkind Ollie – bijna twee – te laten zoeken naar verstopte paasitems. Het speuren naar geschikte waren werd door ons ondernomen en wel bij de plaatselijke tuinspullenboer. Overigens wordt het begrip tuinspullen daar ruim geïnterpreteerd, daar men er ook art-achtige troep en  diverse meubelstukken aantreft, wat detoneert tussen het groen – en geel.

Enfin, ergens in het Ikea-achtige g doolhof vond de eega tientallen bakken vol kleingoed, dat een bijna oneindige variatie vormde op het thema Pasen. Hoewel mijn vrouw een doorpakkerig type is dat niet van dralen houdt, krijgt zij in die tuinspullengigant een soort van afwezig waas voor haar ogen, waarbij  zij zo’n honderd items kleingoed opvist en deze aan een nauwkeurig onderzoek onderwerpt. Na ongeveer anderhalf uur, waarbij ik inmiddels, hangend over de winkelwagen, bijna in slaap viel, had zij iets van twintig dingetjes gescoord: fluwelen kuikentjes die blij uit een eveneens fluwelen ei keken, paashazenkopjes van katoen, diverse kleurige houten eieren en nog onnoemelijk veel van deze door manische paasontwerpers bedachte nonsens.

Toen wij eindelijk konden afrekenen constateerde de kassamedewerker droog dat bij één bleek geel kuikentje met een pluchen eierdeel op zijn koppie de prijs ontbrak. Deze omissie opende de poorten van de hel. De jongeman was onvermurwbaar en blijkbaar geïnstrueerd niets af te reken zonder een prijsindicatie, zelf als het hier ging om iets van een euro. Hij nam een foto van het achterlijke product en stuurde dit naar collega’s die zich ergens op de paasafdeling zouden ophouden. Terwijl de rij voor de kassa allengs groter werd, groeide het besef dat geen enkele medewerker van zins was een pluchen kuikentje te gaan zoeken in zo’n 40 bakken aan variaties op het onderwerp: klein poepig paaskuikentje.

Ten slotte rende de wederhelft naar de paasafdeling, scoorde een soortgelijk kuikentje-met-eierdopje waar wel een prijs op stond, De kassaman was hysterisch blij, in de rij van dertien wachtenden  klonk een luid gejuich en ik vervloekte het paasgebeuren.

Ollie gaat zich straks een dagdeel lang het apenzuur zoeken.

Erik Endlich

Struikelblok

Naar het schijnt komt de bejaarde mens eerst in aanmerking voor hulp als blijkt dat deze zich kan oprichten, dat wil zeggen, de bejaarde, niet de hulp. Het oprichten is niet bedoeld in sensuele zin, maar letterlijk: je struikelt en daardoor lig je plat op de grond. Er is niemand in de buurt behalve wellicht een eventuele partner, die hardhorend is of klust of erger: een combinatie daarvan. Dan lig je dus amechtig op de vloer en geen levende ziel helpt je overeind.

De overheid biedt gelukkig hulp. Althans is van oordeel dat ouden van dagen zichzelf moeten kunnen helpen. Vanzelfsprekend is er een programma bedacht dat naar het schijnt “Powerful Aging” heet en oude vellen (excusez les mots) moet helpen naar volledige zelfredzaamheid. De vraag is natuurlijk of hulp dan nog nodig is: deze stellen is tevens beantwoorden. Overigens vind ik dat een oefening in opstaan slechts een pover begin is. Er dienen meer grenzen te worden verlegd.

Daar het in huishoudens van geringe omvang dikwijls sprake is van veel rotzooi en dus hindernissen, is het dunkt mij zinvol ook hierin te voorzien. Als looptrainer stel ik volgaarne een programma samen, waarbij een hindernisparcours centraal staat. Dat het eerste begin voorzichtig is spreekt voor zich: een enkele stofzuigerslang, een vallend kussen, etenswaren, incontinentiemateriaal. Wie zonder kleerscheuren of gebroken botten de finish haalt, mag door naar het zogeheten “Master-niveau”. Hierbij ligt er iemand op de grond waarover heengestapt moet worden, terwijl een agressieve hond gemeden wordt en post op de deurmat dient te worden opgeraapt.

Ten slotte: begin hier vroeg mee. Wie zich als zestiger oefent, zal bij 80plus bedoelde taken schaterend verrichten. U kunt zo ver gaan als u belieft. De eega en ik bijvoorbeeld haken elkander zonder waarschuwing, waarbij de bedoeling is zo snel mogelijk weer in de benen te zijn. Voorzichtigheid is evenwel geboden. Vorige week stak ik vanachter de open deur van het toilet een been uit, waarover de wederhelft viel – en ongelukkigerwijs met haar lip tegen de deurkruk beukte.

Gelukkig was het met drie hechtingen klaar. De relatiebreuk zal echter meer tijd in beslag nemen.

Erik Endlich

Deel dit nieuws!