De Roskam op Twitter    De Roskam op Facebook   

Overigens DCIX

Op de brug kijk ik vaak naar de visplek aan het kanaal en zie ik daar een jongen die had leren vissen naast zijn vader op de oever van de kreek bij Dalvoorde en het Ganzendiep bij Kampen. Hij zit er vaak als ik passeer, die jongen met zijn hengel, de fiets in het talud, fles frisdrank naast zijn vissersstoeltje, een knaap nog, in een tienerjas, zijn tas met oud brood en zijn schepnet onder handbereik.

De ene keer schat ik hem tien, de andere keer dertien, soms vijftien. Naarmate hij ouder wordt, vervaagt het beeld. Hij zal de wereld bestormen, er wacht hem een wereld om te winnen.

Hij heeft het omfloerste waas van de jongen is die zich bij tijd en wijle afzondert, alleen wil zijn, een jongen die in gedachten een brasem of liever nog een karper aan de haak slaat, in elk geval geen voorntje of erger nog een snottebel. Een brandende ambitie in een slungelige constructie.

Ik zie  een jongen die wel weet wat hij wil, maar nog niet of hem dat ook gaat lukken. Hij is een Einzelgänger, tussen zijn tiende en dertiende zeker van wat zijn doel, maar onzeker over hoe dat te bereiken, hoe te worden wat hij wil zijn. Als ik hem zo zie weet ik dat het voor elkaar komt.

Provinciaal geld voor verknoping textiel en landschap in Twente

ENSCHEDE - De natuurorganisatie Landschap Overijssel en krijgt een ton van de provinciale overheid ten behoeve van onderzoek naar mogelijkheden om het beheer en de toegankelijkheid te verbeteren van landgoederen met behoud van de gebouwen, bijgebouwen en parkarchitectuur.

Het betreft acht landgoederen die ooit eigendom waren van meerdere Twentse textielfabrikanten. De verwevenheid van de Twentse textielindustrie met het landschap zou meer accent moeten krijgen, op basis van onderzoek en onderhoud.

Veel ‘textielbaronnen’ kochten textielfamilies medio de vorige eeuw restanten van ‘woeste gronden’ in Twente, lieten er gebouwen onder architectuur verrijzen, vaak naar Engels voorbeeld, buitenplaatsen met bijgebouwen, met tuinen en parken. De bedoeling is zó het verhaal van textielnijverheid en landschapsarcjitectuur te vertellen.

De provinciale subsidie dient voor studie naar de oorspronkelijke ontwerpen van de landschapsparken Lonnekerberg, Lonnekermeer, Hof Espelo en Smalenbroek (bij Enschede), Groot Holthuis (Deurningen), Teesinkbos (Boekelo), De Eversberg (Nijverdal) en Lemelerberg Zuid (Ommen). Ook wordt onderzocht welke landschapsparken toe zijn aan restauratie en waar het zinvol is om parkelementen, zoals een berceau of brug, te reconstrueren. De verwachting is dat het project bij bendering zo'n anderhalf jaar duurt.

Wierden sluit aan bij Twente Milieu en vergroot belang in Twence

WIERDEN - De gemeente Wierden wil zich aansluiten bij het Twentse afvalinzamelingsbedrijf Twente Milieu. Daarnaast is de bedoeling het belang in het Twentse afvalverwerkingsbedrijf Twence uit te breiden. Er is voor beide  aankopen  bij elkaar bedrag van ruim twee miljoen noodzakelijk.

Het college van burgemeester en wethouders gaat de gemeenteraad van Wierden voorstellen  in te stemmen met het uittrekken van 1,425 miljoen voor tienduizend extra aandelen ter uitbreiding van het aandelenpakket Twence en 584.000 euro voor honderd aandelen Twente Milieu.

Wierden is de negende gemeente in de regio die een belang in Twente Milieu  neemt na Almelo, Borne, Enschede, Haaksbergen, Hengelo, Hof van Twente, Losser en Oldenzaal als aandeelhouders. Twente Milieu is een honderd procent overheidsbedrijf en verrichtte voor Wierden al 'ondersteunende werkzaamheden' uit. Van origine is het bedrijf een inzamelaar van huishoudelijk afval maar daar is meer bijgekomen dat valt onder het beheer van afvalstromen en de openbare ruimte. Er werken bij het bedrijf, dat zijn hoofdkantoor in Enschede heeft, zo'n 350 medewerkers. De nieuwe directeur Vinke van Twente Milieu woont trouwens in Wierden; toeval bestaat niet, of soms toch.

het college van burgemeester en wethouders te Wierden denkt met de uitbreiding van het aantal aandelen Twence te investeren in de toekomst; het toch al niet onaardige dividend neemt naar verwachting  alleen maar toe. Vorig jaar telde de gemeente Rijssen-Holten twee miljoen neer voor uitbreiding van haar pakket. Het ging om overname van het pakket van  het Vuilverwerkingsbedrijf Noord-Groningen. Daarvoor had ook de gemeente Berkelland belangstelling, maar bestaande aandeelhouders gaan voor als ze animo hebben. Dat is nu door de belangstelling van Wierden weer het geval. Ook de gemeente Stadt Münster wil zich in, op instigatie van (de  burgemeester van) Enschede inkopen. De gemeenten Almelo en Oldenzaal  willen hun aandelen Twence bij een goed bod ook slijten, maar zouden te veel geld vragen. Almelo wil de aandelen verkopen om de eigen financiële positie te verbeteren en Oldenzaal omdat deze gemeente op dit terrein geen overheidstaak meer.

Overigens DCVIII

Op de radio hoorde ik onlangs dat minister Slob met elf miljoen op de proppen komt voor steun aan huis-aan-huis-kranten en gemeente-omroepen. Dat zou de lokale nieuwsvooriening dienen. Nu is elf miljoen niet zo heel veel geld als je bedenkt dat in elke straat met drie zijwegen al een gratis blad verschijnt en dat vier van die straten al zo ongeveer een eigen zender hebben.

Slob beweert dat de gratis pers in zwaar weer verkeert. Dat is onzin. De huis-aan-huis-kranten en de lokale omroepen staan stram van zouteloze commercie; het zijn doorgeefluiken van gemeentelijke informatie, verneukeratieve borstklopperij, want één op één geplaatste persberichten van de gemeentelijke diensten, voorlichters en aan de gemeente gelieerde stichtingen en instellingen.

Dat mag allemaal, ook al is het zonde van de moeite, de papierverspilling en de ethervervuiling. Er is geen enkel algemeen lokaal belang, laat staan dat er een journalistiek belang is bij de inktdruktemakerij en deze luchtledigheidverplaatsing, alles ten dienste van de orgastische genoegens van de ambtelijke en bestuurlijke nomenklatoera altijd al gek van elke vorm van pravdapers.

Digitaal-politieke besluitvorming gemeenten en provincies wettelijk

ALMELO -  Door spoedwetgeving is het mogelijk dat gemeenten overgaan tot digitale besluitvorming. Na de ministerraad en de Tweede Kamer heeft nu ook de Eerste Kamer hiertoe besloten. Eerder was de Raad van State al positief  Alleen de Partij voor de Dieren was vandaag in de Eerste Kamer tegen omdat het allemaal te snel zou gaan, terwijl wetgeving altijd zorgvuldig tot stand moet komen, ook onder hoge (coronacrisis)druk. Alle andere partijen zijn van mening dat dit het geval is geweest en dat het belang van de lokale en provinciale democratie belangrijk genoeg is.

Na een plenair debat nam de Senaat vandaag de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming aan. Deze wet maakt het gemeenten en provincies mogelijk digitaal te vergaderen én te stemmen. Dit gebeurde mede op voorspraak van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Ook de regering en de Eerste en Tweede Kamer vinden dat  het democratisch proces in gemeenten niet mag verzanden of stil mag komen te liggen vanwege het verbod op samenscholing.

Het is daarenboven volgens de landelijke politiek van cruciaal belang dat ook de decentrale volksvertegenwoordigingen kunnen doen waarvoor zij gekozen zijn: het nemen van besluiten in het belang van gemeente, provincie en waterschap. Om die reden stelde minister Knops, de CDA-bewindsman die het ministerie van Binnenlandse Zaken bestiert, de beperkingen op het gebied van digitale besluitvorming snel te willen opheffen, aan de hand van een zogenoemde spoedwet. 

Weliswaar geldt het huidige verbod op samenkomsten niet voor gemeenteraden en provinciebesturen, maar de praktijk is dat er niet meer wordt vergaderd vanwege angst voor het coronavirus. Het is nu mogelijk voor raden en staten om besluiten te nemen als van elke fractie tenminste één vertegenwoordiger aanwezig is en een meerderheid de presentielijst alleen digitaal heeft getekend. De gemeenteraad van Almelo werkt al zo, mede op aansporing van de LAS-fractie. De meeste raadsleden waren niet in de raadszaal, de woordvoerders wel, op minimaal anderhalve meter van elkaar.

De spoeddwet geldt voor vijf maanden, tot 31 augustus, met de mogelijkheid van een verlenging met twee maanden als dat per se noodzakelijk is, want nood breekt wet, maar uiteindelijk gaat er niks boven het fysieke debat met het proeven der politieke nieren in de bestuurlijke arena.

 

Deel dit nieuws!